Poldervaart

  • Beelden
  • Kaart
  • Informatie

In een oorkonde uit 1289, waarvan slechts een zestiende-eeuwse kopie bewaard is gebleven, draagt graaf Floris V aan de heemraden van Delfland het recht op om keuren te maken en te schouwen, waarbij ‘het goede geprezen en het kwade gelaakt’ moest worden. Het jaar wordt beschouwd als het geboortejaar van het heemraadschap. Voorheen was er al een organisatievorm in de strijd tegen het water. Het waterbeheersgebied van Maasland, Vlaardinger-Ambacht en Schipluiden werd samengevoegd met dat van Hof van Delft, Vrijenban, Pijnacker en Kethel (dat aan Schieland onttrokken was) tot het waterschap dat de Zeven Ambachten. In 1289 kwam Berkel hierbij. Ook de oorspronkelijk tot Rijnland behorende gehorende geestambachten (Monster, Naaldwijk, Rijswijk, Voorburg en Wateringen) werden toegevoegd. Zo ontstond het (hoog)heemraadschap van de dertien ambachten. Al deze ambachten waterden af op de Maas. De ambachten rond Delft deden dat via de Oude Lee en de Schie. Om deze afwatering te handhaven werd, nadat bij Overschie een dam was gelegd, omstreeks 1280 de Poldervaart gegraven. Aan het eind (tussen Schiedam en Vlaardingen) werden in de Maasdijk vijf sluizen gebouwd, voor elk van de Oostambachten één. Deze sluizen werden vóór 1587 vervangen door één grote. In 1865 kwam er een stoomgemaal.

U bent hier